Zendersleutel

De zendersleutel bestaat uit de mechanische autosleutel, de EWS-elektronica en een radiozender.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee uitvoeringen van de sleutel met afstandsbediening:

Hieronder zijn de verschillende sleutels met afstandsbediening alsmede de verschillende uitvoeringen afgebeeld.

Toetsbezetting

P660001G

Sleutel met afstandsbediening met verwisselbare batterij, uitvoering 433,92 MHz

 

P660002G

Sleutel met afstandsbediening met verwisselbare batterij, uitvoering 315 MHz

 

GR_P660005G

Sleutel met afstandsbediening met oplaadbare batterij. Optisch dezelfde uitvoering voor 433 MHz en 315 MHz. De betreffende frequentie is op de achterzijde vermeld.

Functie van de toetsen

Via de drie toetsen op de sleutel worden diverse functies van de auto geactiveerd, afhankelijk van de tijd dat op de toets wordt gedrukt.

Om manipulaties aan het systeem te voorkomen zijn alle radiobevelen via een constant wisselende code gecodeerd.

Als tijdens het comfortopenen/-sluiten van de ruiten de overdracht van de radiobevelen wordt gestoord, dan wordt de functie in de auto om veiligheidsredenen direct afgebroken.. Voor het weer verder opnemen van de comfortbediening moet de betreffende toets op de zendersleutel worden losgelaten en opnieuw worden ingedrukt.

De afstandsbediening in de basismoduul wordt gedeactiveerd zodra de sleutel in het contactslot zit. Dit voorkomt dat er afstandsbedieningscommando's worden gegeven wanneer er per ongeluk op toetsen wordt gedrukt. De basismoduul ontvangt de melding "sleutel in contactslot" van de EWS-regeleenheid.

Functie-aanduiding (alleen sleutel met afstandsbediening met verwisselbare batterij)

Bij de sleutels met afstandsbediening tot 9/99 bevindt zich in het sleutelhuis een rode LED, die de werking en de batterijtoestand in de radiografische zender aangeeft.

Zender-zelftest (alleen sleutel met afstandsbediening met verwisselbare batterij)

Met een zelftest kan worden gecontroleerd of de zenderelektronica naar behoren functioneert.

De zelftest wordt gestart als de toets "kofferdeksel/achterklep" en de toets "vergrendelen" tegelijkertijd worden ingedrukt en vastgehouden.

Wanneer de zender in orde is, gaat de rode LED 1 seconde branden.

Initialiseren

Functie

Met het initialiseren worden de zendersleutels toegekend aan de basismoduul. In de zendersleutel wordt bij het initialiseren een code gevormd welke verstuurd wordt aan de basismoduul. De code wordt zowel in de sleutel als in de basismoduul opgeslagen. Aan de hand van deze code herkent de basismoduul de bij het systeem behorende sleutel. Alleen door deze sleutels worden bevelen uitgevoerd.

Per auto kunnen maximaal 4 sleutels worden geïnitialiseerd. Als een sleutel opnieuw wordt geïnitialiseerd worden de codes van de andere sleutels gewist. Alle sleutels van het systeem moeten dan ook gelijktijdig worden geïnitialiseerd.

Initialiseringsprocedure

Voer het initialiseren van de zendersleutels van binnenuit uit.

Voor het initialiseren van de overige sleutels de procedure vanaf punt 3 herhalen (= toets "ontgrendelen" op de sleutel indrukken en vasthouden). De klem R mag niet worden gewijzigd.

Het inschakelen van klem R leidt tot het afbreken van de initialisering.

Opmerking

Een spanningsonafhankelijk geheugen in de sleutel met afstandsbediening waarborgt dat ook bij een lege batterij de initialiseringsgegevens niet worden gewist.