Reparatie-aanwijzing aannemelijkheid sensoren van de airconditioning

Aannemelijkheid sensoren van de airconditioning controleren

 

Voorwaarde

Koelmiddeldruksensor

Koelmiddeldruksensor als volgt controleren.

  1. Motor stationair laten draaien.
  2. Airconditioning uitschakelen.
  3. Weergave koelmiddeldruksensor in de testmoduul aflezen, stelt een druk in rust in.
  4. MAX-toets indrukken.
  5. De weergave van de koelmiddeldruksensor in de testmoduul in de gaten houden, de waarde moet stijgen.

Temperatuursensor verdamper

Temperatuursensor verdamper als volgt controleren.

  1. Motor stationair laten draaien.
  2. Airconditioning uitschakelen.
  3. Weergave verdampertemperatuursensor in de testmoduul in de gaten houden, deze stelt een verdampertemperatuur in.
  4. MAX-toets indrukken.
  5. De weergave van de verdampertemperatuursensor in de testmoduul in de gaten houden; de waarde moet afnemen.

Buitentemperatuursensor

Buitentemperatuursensor als volgt controleren.

Attentie

Als de auto vanuit een koude in een warme omgeving wordt neergezet, volgt de aanpassing van de buitentemperatuur met een vertraging! Een snelle aanpassing van de temperatuurwaarde volgt pas vanaf een snelheid van 80 km/h.

  1. De buitentemperatuur met een thermometer meten.
  2. De gemeten temperatuur vergelijken met de weergave van de buitentemperatuursensor in de testmoduul. De waarden moeten ongeveer gelijk zijn.