De systeemtest is een eenvoudige visuele beoordeling van de functies in het instrumentenpaneel:
Oproepen van de testfunctie systeemtest:
De systeemtest kan bij klem R (radiostand), klem 15 ”AAN” (contact ”AAN”), stilstaande auto en motor, worden gestart. De systeemtest kan op verschillende manieren worden gestart:
De systeemtest wordt via de testfunctie 02 gestart. Deze testfunctie is niet vergrendeld. De testfuncties worden met de toets in het instrumentenpaneel (reset-toets dagteller) gestart. Hierbij wordt de toets langer dan 5 seconden ingedrukt. In het display verschijnt vervolgens
Elke druk op de toets verhoogt het geselecteerde testfunctienummer die invers wordt weergegeven. Door lang indrukken van de toets (>2 seconden) wordt de invers weergegeven testfunctie (b.v. Systeemtest :02) uitgevoerd. De testfunctie wordt door uitschakelen van de klem ”R” (radiostand) of door lang indrukken (>6 seconden) van de toets verlaten.
Er is nog een mogelijkheid de testfuncties te starten. Hierbij moet klem ”R” (radiostand) en klem 15 (contact) zijn uitgeschakeld. Voor het starten moet de reset-toets van de dagteller worden ingedrukt en vastgehouden worden, de klem ”R” (radiostand) worden ingeschakeld en de toets worden losgelaten.
Aangestuurd worden: