Bevestiging achterste schuifdakhemel
Reparatieaanwijzing bij bevestiging van achterste schuifdakhemel
Schuifdakhemel op correcte bevestiging controleren.
- Achterste paneel van glazen schuif-/kanteldak uitbouwen.
- De schuifdakhemel in de voorste positie brengen.
- De 4 bevestigingsbouten van de schuifdakhemel losdraaien.
De schuifdakhemel moet beweegbaar zijn.
Opmerking:
De draadveren aan de linkerzijde mogen niet worden ingeklemd of onder de kraagbout springen!
- De schuifdakhemel in de achterste positie schuiven en vervolgens weer naar voren, tot circa 2 cm vóór de voorste positie.
- De 4 bevestigingsbouten van de schuifdakhemel weer vastzetten.
Opmerking:
De controlerail links moet in zijdelingse richting kunnen worden bewogen en correct vergrendelen. De draadveren moeten zichtbaar zijn. Zie afbeelding 1.
- Achterste paneel van glazen schuif-/kanteldak weer inbouwen.
- Functietest uitvoeren.
Afb. 1
Draadveer (1) in correcte positie.