Vanaf 09/2007 wordt de van de M57TU2TOP bekende registerturbo ook bij de N47TL toegepast. De eerste toepassing vindt plaats in de E87, E81 en E82.

Index |
Verklaring |
Index |
Verklaring |
|---|---|---|---|
1 |
Kleine turbocompressor |
2 |
Kleine turbine |
3 |
Vacuümdoos compressor-bypassklep |
4 |
Grote turbocompressor |
5 |
Vacuümdoos turbine-regelklep |
6 |
Grote turbine |
7 |
Vacuümdoos wastegateklep |
8 |
Regelklep turbine |
De grootte de gebruikte turbocompressor heeft een grote invloed op het karakter van de motor (vermogen en souplesse). Een kleine turbocompressor heeft als gevolg van de lage massa die door het uitlaatgas moet worden versneld, een zeer goede souplesse. De vuldruk wordt bij het ”gas geven” zeer snel opgebouwd. De motor reageert daardoor met een zeer geringe vertraging.
Een grote turbocompressor gedraagt zich heel anders. Bij het ”gas geven” moet het uitlaatgas een grotere massa versnellen. De turbocompressor en daarmee ook de motor reageren trager bij het accelereren. Wanneer echter een hoog topvermogen gewenst is, oftewel hoge vuldruk en luchtopbrengst nodig zijn, is de grote turbocompressor door de grotere afmetingen in het voordeel.
Voor de tweetraps turbovulling zijn beide turbocompressoren in serie geschakeld. Het uitlaatgas drijft eerst de kleine turbine en dan de grote turbine aan. Aan de luchtinlaatzijde comprimeert eerst de grote turbo, en dan de kleine turbo de lucht.
De regelklep van de turbine regelt de verdeling van de uitlaatgasstroom tussen de grote en de kleine turbine. De Turbine-regelklep wordt pneumatisch door een membraandoos versteld. De turbine-regelklep kan variabel worden versteld. Een elektropneumatische drukomvormer belast het membraan met vacuüm.
Via de compressor-bypassklep kan de inlaatlucht de kleine compressor omzeilen. De compressor-bypassklep wordt pneumatisch door een membraandoos versteld. De compressor-bypassklep wordt volledig geopend of volledig gesloten. Een elektropneumatisch omschakelventiel belast het membraan met vacuüm.
Bij het bereiken van het nominale motorvermogen wordt de wastegate-klep geopend om te hoge vuldruk te voorkomen. Via die wastegate-klep wordt een gedeelte van het uitlaatgas buiten de grote turbine om geleid. De wastegate-klep wordt pneumatisch door een membraan versteld. De Wastegate-klep kan variabel worden versteld. Een elektropneumatische drukomvormer belast het membraan met vacuüm.
Voor de aansturing werd de DDE verder ontwikkeld. De DDE-regeleenheid stuurt ook de hierboven genoemde actuatoren voor de tweetraps drukvulling aan.
Bij het ontwerpen van een turbocompressor moet altijd een compromis tussen goede souplesse en hoog vermogen bij hoge toerentallen worden gesloten. Met de bij BMW gebruikte turbocompressoren met variabele turbinegeometrie wordt dit nadeel van de eentraps turbodrukvulling gereduceerd, maar kan nooit helemaal worden verholpen. Bij de registerturbo werken de beide turbocompressoren zo samen, dat een optimale werking wordt verkregen.